Sitemap Contact Kalender Nieuw Home

Projectendatabank FEDRA

Presentatie

Onderzoeksacties

Personen

Zoeken

Geïntegreerde netwerken in de strijd tegen kinderarmoede: een mixed-methods onderzoek naar netwerk governance en perspectieven van beleidsmakers, sociaal werkers en gezinnen in armoede (INCh)

Onderzoeksproject BR/132/A4/INCh (Onderzoeksactie BR)


Personen :


Beschrijving :

1. De doelstelling van deze studie

Op verschillende beleidsniveaus merken we een groeiende consensus om kinderarmoede hoog op de beleidsagenda te plaatsen. Een belangrijk knelpunt waar zowel het beleid, sociaal werkers als families met jonge kinderen in de dagelijkse praktijk mee worden geconfronteerd is de historische fragmentatie van zowel dienstverlening als beleid. Verschillende inspanningen werden reeds geleverd om deze fragmentering tegen te gaan, voornamelijk door het organiseren van geïntegreerde netwerken van diverse hulpverleningsorganisaties. Deze netwerken bieden een dienstverlening aan voor families met jonge kinderen in het algemeen en kwetsbare doelgroepen geconfronteerd met een hoog armoederisico in het bijzonder. In dit voorstel gaan we op zoek naar de manier waarop netwerken kunnen ingezet worden in de strijd tegen kinderarmoede. Het centrale concept van dit voorstel is de term ‘netwerkintegratie’.

We definiëren netwerkintegratie zowel op het systeemniveau van het netwerk als op het niveau van de cliënt. Op het niveau van het netwerk verwijst netwerkintegratie naar de manier waarop diverse hulpverleningsorganisaties met elkaar verbonden zijn en een zekere ‘eenheid van handelen’ bereiken (Buck e.a., 2011). In een geïntegreerd netwerk hebben alle hulpverleningsorganisaties toegang tot middelen en informatie binnen het netwerk. De rol van netwerk governance wordt hierbij sterk benadrukt. Binnen de management literatuur wordt de governance van een netwerk vaak benadrukt als een belangrijk instrument om de geïntegreerde inspanningen van diverse actoren te bevorderen (Provan & Kenis, 2008). Op het cliëntniveau verwijst netwerkintegratie naar de mate waarin de aangeboden dienstverlening voldoende responsief is naar de diverse en complexe problemen waar kwetsbare doelgroepen mee worden geconfronteerd. We kunnen stellen dat het streven naar geïntegreerde netwerken hoog op de agenda moet staan voor de strijd tegen kinderarmoede. Dit is zeker het geval indien we kijken naar recente demografische prognoses die voorspellen dat het aantal jonge kinderen in armoede zal aangroeien, voornamelijk in stedelijke omgevingen. Daarnaast kunnen we stellen dat geïntegreerde netwerken een oplossing bieden voor het debat waarbij sommigen het belang benadrukken van een structurele, universele dienstverlening voor iedereen en anderen meer gewonnen zijn voor een categoriale benadering. Anders gesteld, netwerken zijn noodzakelijk om een progressief universele aanpak van kinderarmoede in de praktijk om te zetten.

We stellen echter vast dat ondanks de grote nood aan geïntegreerde netwerken in de strijd tegen kinderarmoede, er weinig wetenschappelijk onderzoek ontstaat rond dit thema. Er is weinig kennis over hoe deze netwerken moeten worden georganiseerd om een antwoord te bieden aan de complexe noden van families met jonge kinderen in armoede. Daarnaast blijken beleidsmakers, hulpverleningsorganisaties en sociaal werkers zeer sterk te benadrukken dat deze netwerken een cruciaal instrument zijn om de responsiviteit van de hulpverlening naar de complexe noden van families, mensen in armoede en andere kwetsbare doelgroepen te verhogen. Diverse internationale studies tonen echter aan dat netwerken niet altijd tot betere resultaten leiden (Rosenheck, e.a. 2002; Provan & Milward, 1995). We beargumenteren daarom dat wetenschappelijk onderzoek naar deze materie noodzakelijk is. Omwille van deze reden ontwikkelen we in dit voorstel een diepgaande benadering om de netwerken en hun integratie onder de loep te nemen. De onderzoeksvragen van dit onderzoeksvoorstel formuleren we als volgt:

1. Op welke manier worden geïntegreerde netwerken van hulpverleningsorganisaties die ondersteuning bieden aan families met jonge kinderen in armoede georganiseerd?
2. Welke sociaal werkpraktijken van in- en exclusie ontstaan binnen deze geïntegreerde netwerken?
3. Hoe ervaren beleidsactoren en sociaal werkers deze netwerken?
4. Hoe ervaren families met jonge kinderen in armoede deze netwerken?

Ons antwoord op deze onderzoeksvragen baseren we op een combinatie van diverse theoretische perspectieven en een mixed-methods benadering:

• In een eerste werkpakket ontwikkelen we een breed en kwantitatief perspectief en focussen we op netwerk governance en netwerkintegratie op het systeem of organisationele niveau van onze analyse. We bestuderen de netwerkintegratie door de relaties tussen de organisaties in kaart te brengen op basis van een sociale netwerkanalyse (onderzoeksvraag 1 en 2).
• In het tweede werkpakket gebruiken we een overwegend kwalitatieve onderzoeksbenadering in een selectie van vijf relevante cases in Vlaanderen, Wallonië en Brussel. We onderzoeken de betekenis van zowel beleidsverantwoordelijken, sociaal werkers als betrokken families over de dienstverlening die het netwerk levert. Deze kwalitatieve analyse zal resulteren in een zeer diepgaande omschrijving van het functioneren van het netwerk (onderzoeksvragen 2, 3 en 4).

2. Valorisatie

Door de complexiteit van dit onderzoeksdomein, zal onze valorisatiestrategie rekening houden met de diverse actoren uit het werkveld. Welke activiteiten worden ontwikkeld? Bij aanvang van het onderzoek zou reeds duidelijk moeten zijn dat, indien nieuwe ideeën voortkomen uit de interactie met actoren, deze mee in het project betrokken zullen worden. We focussen op beleidspapers en seminaries als voornaamste vorm van valorisatie. Daarnaast willen we ook focussen op opleidingspakketten voor gemeenten, op maat van verschillende dienstverleners (gezinsondersteuning, pedagogische coaches en kinderwelzijnswerkers). Het project wordt afgesloten met een finaal rapport en een finale conferentie.


Over deze website

Uw privacy

© 2017 POD Wetenschapsbeleid