Van de heteluchtballon tot de Arianeraket
Ruimtemissies De Europese ruimtemissies brengen niet alleen aardobservatiesatellieten, weersatellieten, navigatiesatellieten en (tele)communicatiesatellieten in een baan rond de aarde. Er worden ook satellieten en telescopen de ruimte ingestuurd om ons zonnestelsel met de zon en haar planeten, de kometen, het heelal, astronomische verschijnselen, sterren, zwarte gaten, supernovae en andere sterrenstelsels te bestuderen en zo meer kennis te vergaren. Er worden ook vele wetenschappelijke experimenten uitgevoerd in de ruimte, bijvoorbeeld aan boord van de spaceshuttle en in het Internationaal Ruimtestation. Op aarde wordt het leven in grote mate beïnvloed door de zwaartekracht en deze onzichtbare kracht maakt het soms minder gemakkelijk om bepaalde natuurkundige verschijnselen te begrijpen. Door onderzoek te doen in een omgeving waar het lijkt of er geen zwaartekracht is, hoopt men een beter inzicht te krijgen in natuurwetten en natuurkundige verschijnselen. Deze nieuw verworven inzichten helpen ons om het leven hier op aarde te verbeteren. Zo vertrok onze landgenoot Dirk Frimout in maart 1992 met de
spaceshuttle naar de ruimte waar hij tijdens de Atlas 1 missie
onderzoek verrichtte naar de atmosfeer van onze aarde. Wist u dat... de Amerikaanse Voyager I satelliet het verst verwijderde door de mens gemaakt object is in de ruimte? Voyager I werd gelanceerd in 1977 en bevindt zich nu buiten het zonnestelsel op zo’n 15 biljoen kilometer van de zon. |
![]() |
![]() |
|
![]() |






