Wat brengt
de toekomst?
Met theoretische klimaatmodellen en computersimulaties kan men
berekenen hoe het klimaat er in de toekomst zal uitzien. In deze
simulaties wordt rekening gehouden met tal van parameters. Het
Intergovernmental Panel on Climate Change IPCC bundelt de resultaten
van al het klimaatonderzoek dat op aarde wordt verricht en stelt
op basis daarvan projecties en scenario's op.
In haar derde rapport produceerde het IPCC een zestal scenario's
waarin het impact van diverse parameters op de klimaatevolutie
worden voorgesteld. Zo kan men uitgaan van een snelle of trage
economische groei, of men al dan niet traditionele productiemethodes
op basis van fossiele brandstoffen aanhoudt, of de industriële
productie, welvaart en technologische kennis mondiaal herverdeeld
wordt, of de bevolking traag of snel groeit, enz.
De aarde blijft dus warmer worden zolang de hoeveelheid broeikasgassen
niet afneemt. En de gevolgen zien we nu al, zoals we ook vrij zeker
kunnen zijn over de gevolgen in de nabije toekomst:
Voorspellingen
wijzen op een stijging van het zeepeil van 10 tot 90 centimeter.
Dat komt niet alleen door het wegsmelten van gletsjers en ijskappen
maar ook omdat het warmere water zelf meer volume inneemt dan
kouder water. Bovendien creëert een toename van
het watervolume ook een toename van stormen en orkanen. Stijging
van het waterpeil zal een impact hebben op ecosystemen, landschappen
en door de mens verwezenlijkte bouwwerken langs de kustgebieden
en in lager liggende regio’s zoals polders en delta. Zout
zeewater is dan een bedreiging voor fauna en flora in waardevolle
natuurgebieden en voor de drinkwaterbevoorrading in deze streken.
In de poolgebieden zal de grote variëteit aan geologische
en ecologische systemen verloren gaan maar ook de alpiene en laaglandgletsjers,
de permafrost, de toendra en dergelijke zullen ingrijpend veranderen.
De
impact van de klimaatverandering op landbouw,
gewassen en voedselproductie is nogal divers. Bodemdegradatie en de beschikbaarheid van waterreserves
zullen een zware last leggen op de voedselvoorziening voor een
groeiende bevolking. Een opwarming van minder dan 2,5°C
zou geen bepalend effect hebben, een hogere opwarming daarentegen
wel met hogere voedselprijzen als gevolg.
Voor sommige landbouwregio's met een gematigd klimaat (een
groot deel van Noord-Europa en Noord-Amerika bijvoorbeeld)
kan een opwarming voor een verhoging van de productie zorgen
maar dan weer plantengroei die nu wel gedijt doen verdwijnen
(bijvoorbeeld grassen). Gebieden die nu al de hittetolerantiedrempel
bereiken zullen met nog drogere omstandigheden moeten afrekenen.
In
koudere klimaten zal een gemiddelde temperatuurverhoging welkom
zijn voor de bewoners. Ze zullen bijvoorbeeld meer, betere en
andere gewassen kunnen telen. Meer koolstofdioxide betekent ook
dat fotosynthetiserende planten en landbouwgewassen beter zullen
groeien, weliswaar tot een bepaald niveau en wat niet altijd
een kwaliteitswinst met zich meebrengt. Gewassen zullen in onze
streken iets minder last hebben van vriesschade maar dan wel
wat meer lijden onder insecten die nu minder voorkomen. De Europese
bomen zullen hun ideale biotoop enkele honderden kilometer noordwaarts
zien opschuiven.
Door de opwarming van de aarde veranderen ecosystemen.
Ze zijn immers bepaald door een delicate wisselwerking van regenval,
temperatuur en bodemtype. Deze wisselwerking kan door een klimaatwijziging
snel omslaan en het overleven van vele organismen in gevaar brengen.
Vroegere klimaatveranderingen deden zich langzaam voor waardoor
planten en dieren tijd hadden om zich aan te passen of elders
te gaan overleven. Als wetenschappers gelijk halen in hun voorspelling
dat de de huidige opwarming van de aarde snel verloopt, zullen
vele planten en dieren niet de tijd hebben om zich aan te passen
en dus verdwijnen. Wetenschappers observeerden reeds klimaatgebonden
veranderingen in ten minste 420 fysische processen en biologische
soorten. Trekvogels zullen nog meer naar het noorden en minder
naar het zuiden migreren. Koudegevoelige insecten als vlinders,
kevers, muggen, rukken noordwaarts op, enz.
De menselijke gezondheid zal ook door deze klimaatwijziging rechtsreeks
en onrechtstreeks worden beïnvloed. Zo is er het fenomeen
van de hittestress, een verzameling verschijnselen die te maken
hebben met hoge temperaturen en vochtigheid. En hoe hoger de
omgevingstemperatuur, hoe hoger de kans op hittestress dat een
ernstig medisch probleem vormt met de stijging van cardiovasculaire
- en ademhalingsrisico’s. Voor de gezondheid zijn ook de
ecologische storingen, de luchtvervuiling of de veranderingen
van voedsel en water belangrijk. Sommige mensen zullen zich makkelijker
aanpassen dan andere. Armere mensen en regio’s zullen minder
geld en hulpmiddelen hebben om dergelijke gezondheidsproblemen
op te vangen. Ook jonge kinderen en ouderen zullen grotere risico’s
lopen.
Meer
ziekten?
Gezondheidseffecten voor de mens door klimaatopwarming
omvatten onder meer het meer voorkomen van infectieziekten. Enkele
voorbeelden:
Malaria en gele koorts komen meer voor, door de opwarming van
de aarde overleeft de malariamug nu tot 2000 m hoogte waar dat
vroeger maar tot op 1500 m was. Op een hogere gemiddelde temperatuur
komen ook andere verspreiders en dragers van ziekten meer voor,
bijvoorbeelde de teek die de Lyme-ziekte overdraagt. In India
komen medicinale planten voor 90 % uit bossen. Ontbossing betekent
dus een bedreiging voor bevolkingsgroepen die op plantaardige
geneesmiddelen zijn aangewezen.
|