Home NL FR DE EN Contact Help Zoeken Links
Wetenschap in de kijker... - Onze zee... rijker dan je denkt

Onze zee... rijker dan je denkt

Wat maakt ons Belgisch stukje Noordzee zo uniek?

Een eerste bijzondere vaststelling is de directe nabijheid van het Kanaal aan de westzijde en van het Schelde-estuarium ten oosten. Via de Schelde komen extra voedingsstoffen en zoetwater terecht voor onze kust. Dit nutriëntenrijke water zorgt voor een verhoogde primaire productie. Ook is er een levendige uitwisseling van vis en garnaal tussen deze machtige rivier en de ondiepe kusten. Hydrografisch staat het Belgisch stukje Noordzee dan weer onder invloed van de Noord-Atlantische drift. Die “perst” het water van de Atlantische Oceaan door het Kanaal waardoor de getijden voor de Belgische kust zo uitgesproken zijn.
Het gemiddeld getijverschil voor de Belgische kust bedraagt 3.9 meter. Ter vergelijking: de Nederlandse kusten kennen nog slechts een gemiddeld getijverschil van 1.5 meter. Het trechtereffect zorgt ook voor hoge stroomsnelheden die op hun beurt de ondiepe watermassa volledig gemengd houden. De intense golfwerking, veroorzaakt door de wind, zorgt voor een extra turbulentie.
Door de zandige ondergrond resulteren deze twee kenmerken in donker, troebel water. De opvatting als zou onze Noordzee hierdoor een “vuile” zee zijn, is evenwel pertinent onjuist. Deze interactie tussen Kanaalwater en Scheldewater in een sterk dynamische omgeving maakt van onze kustwateren een boeiend gegeven.

De meest opmerkelijke topografische eigenschap van het BCP is ongetwijfeld de aanwezigheid van een rijk assortiment aan zandbanken. Naargelang hun diepte en ligging heeft men ze opgedeeld in vier groepen: de Kustbanken, de Vlaamse banken, de Zeelandbanken en de Hinderbanken. Deze zandbanken zijn het resultaat van een complexe interactie tussen stromingen, sedimenttransport, erosie en ophoping en de nalatenschap uit de ijstijden. Hoewel in de ganse Noordzee zandbanken te vinden zijn, is alleen t.h.v. de Belgische kust (met uitlopers naar Zeeland en N-Frankrijk) en de Thamesmonding een dergelijk uitgebreid systeem van zandbanken aanwezig. Ze vormen vaak ware onderwatermuren, die – op één uitzondering na, de Broersbank t.h.v. Koksijde – net niet droog komen te liggen bij extreem laagtij. De grote hoeveelheid bodemorganismen die op deze zandbanken leven vormen een belangrijke voedselbron voor zee-eenden en voor vele vissoorten. Deze laatste zijn op hun beurt van groot belang als voedsel voor weer andere zeevogels. Daarnaast fungeren de zandbanken uitstekend als kraamkamer voor vele vissoorten en ongewervelden.

Door de hoger geschetste kenmerken ontstaan er ter hoogte van de Belgische kust interessante gradiënten: een west-oost en een inshore-offshore gradiënt.
Naarmate men naar het oosten gaat wordt de zoetwaterinvloed en de aanrijking met voedingsstoffen vanuit de Westerschelde belangrijker. Ook het aangevoerde slib van de Schelde heeft een belangrijke invloed op de samenstelling van de bodemfauna die voor haar verspreiding en soortensamenstelling afhankelijk is van het sediment. Hoe verder men dan weer uit de kust gaat, hoe grover de bodem en hoe belangrijker de invloed van Kanaalwater.

Feiten

Lengte Belgische kust: 65km
Oppervlakte BCP: 3600 km2
Diepte Belgische wateren: 0-40m, gemiddeld ca 25m
Hoogteverschil tussen eb en vloed: ± 4m,
doodtij - springtij 6 m (alarm)
Stroomsnelheid: 1-3 km/h
Zeewatertemperatuur: 0-20°c, jaargemiddeld ca. 11°C
Zoutgehalte: 26-36 psu (= 26-36 g zout per liter water)

Krab begroeid met zeepokken
Het Schelde-estuarium
Belgium.be Klik op de figuur om te vergroten