Wat
zijn de gulden regels van de restauratie?
De conservatie- en restauratiebehandelingen
worden tot het minimum beperkt om het originele werk te behouden
en het niet nog meer te beschadigen. Het restauratieproces bestaat
uit drie fasen:
Het
vooronderzoek is een onmisbaar onderdeel
van het restauratiewerk. Het heeft tot doel de huidige staat
van het kunstwerk te beschrijven, de zwakke plekken op te sporen,
de oorzaken van de aftakeling in te schatten en te beslissen
wat er moet gebeuren.
De conservatie-
en restauratiebehandeling van
een kunstwerk kan bij een restaurateur, in een gespecialiseerd
centrum als het KIK of ter plaatse gebeuren, afhankelijk van
de omstandigheden.
Het documenteren
van de behandelingen. De
kritische bestudering van een kunstwerk is vaak belangrijker
dan de technische handeling zelf. Daarom moeten de restaurateurs
elke bewerking rechtvaardigen en documenteren. Ze verwerken
de resultaten van de verschillende onderzoeken en van de restauratiewerken
in publicaties of didactische tentoonstellingen.
De restaurateurs
houden zich niet alleen met schilderijen bezig. Ze restaureren
ook andere kunstwerken en materialen. Hiervoor krijgen ze telkens
een speciale opleiding.
Het departement Conservatie-Restauratie
van het KIK bestaat uit verschillende ateliers. Naast schilderijen
restaureren zij ook beeldhouwwerken; glas en glasramen; leder
en perkament; metaal; muurschilderingen; steenachtige materialen;
textiel.
De restaurateur draagt een grote verantwoordelijkheid,
maar hij staat er niet alleen voor. Verschillende specialisten
werken samen aan de restauratie van een kunstwerk. De restaurateur
werkt samen met kunsthistorici, fotografen en laboratoriumspecialisten.
De kunsthistorici spelen
uiteraard een belangrijke rol bij elke restauratie. Met hun kennis
van de geschiedenis van de kunst kunnen ze werken opsporen, hun
betekenis begrijpen en hun kwaliteit beoordelen, wat bepalend
is voor de uit te voeren handelingen.
De fotografen maken
niet alleen traditionele foto's van de kunstwerken, maar ook
opnamen met ultraviolet licht, röntgenfoto's en
infrarood-reflectografie. Een infraroodgevoelig toestel kan soms
schetsen of voorbereidende studies onder de verflaag opsporen.
De laboratoriumspecialisten gaan
op zoek naar de datering (met name door dendrochronologie of
jaarringenonderzoek, radiokoolstof, enz.), analyseren en identificeren
de pigmenten en de bindstoffen om de eigenschappen en soms
de authenticiteit van het kunstwerk vast te stellen; ze doen
ook testen op nieuwe producten om nieuwe restauratietechnieken
te vinden.
|