
Wie bent u en wat doet u precies?Mijn naam is Ann Carine Vandaele. Na meer dan 30 jaar te hebben gewerkt als wetenschapster in het BIRA, het Koninklijk Belgisch Instituut voor Ruimte-Aeronomie, ben ik er nu algemeen directeur van geworden. Vandaag verdeel ik mijn tijd over het management van het instituut, de opvolging van de administratieve teams, de uitwerking van onze onderzoeks- en managementstrategie, alsook de omzetting van onze strategische doelstellingen naar dagelijkse beslissingen en taken binnen onze ondersteunende diensten en onze wetenschappelijke teams. Daarnaast tracht ik ook op de hoogte te blijven van vroegere projecten waaraan ik heb meegewerkt in het kader van ruimtemissies van het Europees Ruimteagentschap (ESA) om de planeten in ons zonnestelsel te observeren. Als verantwoordelijke van een onderzoeksinstituut hou ik mij ook op de hoogte van de recente ontwikkelingen op andere onderzoeksgebieden die in het instituut worden behandeld.
Dat is moeilijk te definiëren; elke dag zijn er onverwachte gebeurtenissen, externe aanvragen, enzovoort, waardoor geen enkele dag echt op een andere lijkt. Op een gewone dag voer ik gesprekken met de dienst of afdelingsverantwoordelijken om op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen, problemen of resultaten, zoek ik naar oplossingen voor allerlei problemen (met personen, technische kwesties enz.) en beantwoord ik vragen van collega’s. Er zijn ook vergaderingen gepland met externe partners waarbij ik als algemeen directeur aanwezig moet zijn en zorg ik ook voor het officiële onthaal van internationale collega’s. Als lid van verschillende deskundigencomités, onder andere bij het ESA, blijf ik zo op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen en vertegenwoordig ik zowel het BIRA als ons land.
Wat mij vooral motiveert is werken aan een zo optimaal en sereen mogelijke werkomgeving voor iedereen bij het BIRA. Ik geniet van de gesprekken met mijn collega’s, zowel wetenschappers als niet wetenschappers, ik leer graag bij en probeer te begrijpen wat er rondom mij gebeurt, die gesprekken zijn dus van essentieel belang. Ik volg vanop afstand ook nog enkele projecten die me na aan het hart liggen, zoals de instrumenten NOMAD op de ExoMars Trace Gas Orbiter en VenSpecH ontwikkeld in het kader van de volgende ESA-missie naar Venus. Daarnaast ben ik gastdocente aan de UNamur, de ULiège en de Universiteit van Tohoku in Japan. Daar geef ik cursus planeetkunde en begeleid ik thesissen van enkele master- en doctoraatsstudenten.
Een wat delicater en zonder twijfel minder aantrekkelijk aspect is interpersoonlijke conflicten oplossen. Gelukkig komen die zelden voor, maar dat blijft een complex probleem. Moeilijke beslissingen nemen, soms in tegenspraak met mijn eigen overtuigingen maar gerechtvaardigd door de moeilijke context in de voorbije jaren, is niet eenvoudig.
Ik heb mijn doctoraat gemaakt in samenwerking met het BIRA, waar ik nadien het laboratorium voor referentiespectra heb ontwikkeld voor een betere spectroscopische detectie van atmosferische bestanddelen. Ik heb het geluk gehad betrokken te zijn bij de Venus Express missie dankzij het SOIR-instrument dat het BIRA heeft ontwikkeld, met als doel de chemische samenstelling van de Venusatmosfeer te meten. Dan heb ik een onderzoeksgroep opgericht om de atmosferen van andere planeten te bestuderen en ben ik later hoofd geworden van de afdeling van die onderzoeksgroep. Toen de functie van algemeen directeur van het BIRA is vrijgekomen, heb ik mij kandidaat gesteld om dan die functie om mij genomen!
Ik heb een opleiding burgerlijk ingenieur in de fysica aan de Université libre de Bruxelles gevolgd. Voor mijn eindwerk aan de Faculteit Wetenschappen heb ik een onderwerp gekozen dat verband houdt met de atmosfeer en een instrument gebouwd om de luchtvervuiling op de universiteitscampus te meten. Dat alles verduidelijkt mijn latere traject, te weten mijn ingenieursvaardigheden gebruiken om instrumenten te ontwikkelen voor atmosferen te observeren. Ik ben altijd sterk begaan geweest met het welzijn van mijn collega’s en heb verschillende opleidingen gevolgd in groepsmanagement, projectmanagement en ook een opleiding om vertrouwenspersoon binnen mijn instituut te worden.
Ik denk dat nieuwsgierigheid en de wil om te begrijpen en te leren enerzijds en empathie anderzijds de belangrijkste vaardigheden zijn. Natuurlijk is het dan nuttig om te weten hoe je een groep of een project moet managen en om meer specifieke administratieve en technische vaardigheden te ontwikkelen. Maar als de motivatie ontbreekt, kan dat alles niet tot zijn recht komen.
Mijn enige advies is om vertrouwen in jezelf te hebben en niet bang te zijn om uitdagingen aan te gaan wanneer ze zich voordoen.